Booming Experience

Marc Freedman. Encore; finding work that matters in the second half of life

Public Affairs, New York, 2007

 

Voor wie in deze tijd van goede voornemens een inspirerend boek wil lezen is Encore van Marc  Freedman een geschikte keus. Aan de hand van een aantal uiteenlopende voorbeelden laat hij zien dat vijftigplussers door het maken van een radicale carrièreswitch nieuwe doelen en perspectieven in hun leven vinden. Zo’n carrièreswitch is in de regel het gevolg van een worsteling met de vraag “wat wil ik nu eigenlijk echt?”. Wie een goed antwoord op deze vraag vindt blijft vaak tot ver na zijn 65e jaar doorwerken.

 

De factoren die deze ontwikkeling in de hand werken en ook wenselijk maken zijn overbekend. In de eerste plaats is er voor de samenleving de harde economische noodzaak. Het aantal baby boomers is groot en ze leven langer dan eerdere generaties. Wanneer dit substantiele deel van de bevolking niet productief is verarmt de samenleving als geheel. Daarnaast dreigt door het weglekken van talent er ervaring niet alleen de kwantiteit, maar ook de kwaliteit van de productie te verslechteren. Voor het individu is er ook een economische noodzaak. Freedman noemt ook dat de pensioenen waar men recht op denkt te hebben gevaar lopen, iets wat als gevolg van de kredietcrisis nu ook in Nederland in het nieuws is. In de tweede plaats is er een psychologische noodzaak. Werk is een middel waarmee je datgene in je leven kunt realiseren dat je belangrijk vindt, het geeft zin aan het leven. Daarnaast verschaft het een sociale omgeving en sociale contacten. Het is een visie die lijnrecht staat tegenover het Zwitserlevengevoel, in de Verenigde Staten zo zichtbaar vormgegeven in Sun City. Freedman verklaart dit als een reactie op de treurige oude dag die de Amerikaan in de jaren 50 wachtte. Het is de verwerkelijking van het grote genieten, de laatste levensfase als één groot speelkwartier.

 

Mensen die niet direct kunnen wennen aan gepensioneerd zijn of die nog wat extra geld nodig hebben zijn er in de Verenigde Staten zogenaamde bridge jobs, part time baantjes waarin mensen langzaam overgaan naar volledige pensionering. Een voorbeeld is greeter bij Wall Mart, het helpen en wegwijs maken van klanten in de supermarkt. Hoewel dit zeker een goede zaak is, pleit Freedman ervoor dat vijftigplussers verder gaan, en bij zichzelf een nieuwe passie vinden die ze echt de moeite waard vinden om zich gedurende het laatste deel van het leven volledig op te storten. Een substantieel deel van het boek is gewijd aan voorbeelden: de makelaar die op projecten voor daklozen gaat werken, de autoverkoper die een eerlijke business (in dezelfde branche) begint, de controleur die spijbelende leerlingen opspoort die intensive care verpleegster wordt, de zorgbestuurder die advocaat voor daklozen wordt, enzovoorts. Het vinden van zo’n late roeping wordt ondersteund door Freedman’s organisatie, de Encore Society (www.encore.org).

 

Het is een hartverwarmend boek, van een auteur die een ideaal en een boodschap heeft. Die boodschap is erg aantrekkelijk, want hij impliceert dat we allemaal ‘gemaakt’ zijn om in de laatste fase van ons leven voor een hooggestemd ideaal te gaan dat ons leven volledig maakt. Hij heeft ongetwijfeld gelijk dat mensen zich meer bewust zouden kunnen zijn van wat ze willen en kunnen, en dat latere fasen in het leven, wanneer men zich het nodige inzicht en vaardigheden heeft verworden, zich lenen om in je werk datgene te doen wat je echt wil. Maar hoe groot de groep is die op basis van een roeping tot zijn vijfenzeventigste maatschappelijk nuttig werk gaat doen is een open vraag. Na hun vijftigste verandert het perspectief van de meeste mensen, maar hun persoonlijkheid verandert niet mee. Wie van nature oppervlakkig leefde blijft dat doen; wie slecht tegen verandering kon, kan ook dan het roer niet radicaal omgooien. De autoverkoper in het boek, die ervan walgde dat zijn collega’s regelmatig klanten een oor aannaaiden, is degene die switcht, maar zijn gewetenloze collega’s doen dat niet. Kortom, Encore is een boek dat weliswaar inspireert, maar ik vrees dat het slechts een deel van de werkelijkheid beschrijft.

 

Dirk Sikkel